Hallo Raymond,
Ik heb een beetje het gevoel dat alles zo'n beetje afhangt van je "veerkracht", die afhankelijk van persoonlijkheid en situatie ruim bemeten of eerder gering te noemen is. Om eens een voorbeeld te noemen, ik heb ooit eens op een klimmassief in de Ardennen, als ik me niet vergis te Comblain (ik weet niet meer welk van de twee - la Tour/au Pont?), een Nederlands klimgezelschap zien afblaffen door een plaatselijk heerschap dat het niet meer mooi te noemen was. Ze dropen gewoon af, terwijl die bepaalde persoon in feite totaal niets te zeggen had en het kleine maasiefje graag voor zijn eigen vriendenkliek gevrijwaard zag. Ik stel me maar de vraag wat ze gedaan zouden hebben, indien er staande "vergadering" ook nog eens boete was gevraagd geweest. Mezelf de situatie nog voor de geeste halend, vermoed ik dat ze "oui et non" stamelend nog betaald zouden hebben ook.
Mijn vraag is derhalve tweeledig, zijn er lezers die iets dergelijks al is overkomen en hoe reageerde men daarop?
Voor wat betreft jagers en jachtopzieners moet hier al onmiddellijk aan toe gevoegd worden dat het jachtrecht vaak NIET samenvalt met het eigendomsrecht, zodat diegenen die enkel het jachtrecht mogen uitoefenen in feite niets te zeggen hebben al kunnen ze anderzijds bogen op bepaalde rechten, zoals het volledig afzetten van wegen in geval van trekjachten, zelfs GR-paden kunnen hierdoor bepaalde dagen en uren worden afgesloten, enz.
Verder zijn de volgende dingen tocht wel belangrijk om weten:
- in feite mag je je voor wat de Ardennen betreft tussen zonsondergang en zonsopgang in principe niet in een bos bevinden zonder de toestemming van de eigenaar, zelfs niet op de boswegen. Indien men wil verbaliseren kan je daar dus niet zoveel tegenin brengen (verloren gelopen, uitgeput, niet tijdig een camping gevonden, ...)
- anderzijds is het minste wat men zou mogen verwachten, een legitimatie van diegene die optreedt
Ikzelf heb één enkele keer eens last gehad van een erg kolerieke jachtopziener die ik wist te kalmeren door hem onmiddellijk mijn identiteitskaart te overhandigen en hem diets te maken dat ik als Nederlandstalige Belg wenste verhoord te worden in de Nederlandse taal, want dat mij geen enkele fout trof, maar om dat precies te kunnen toelichten ik mij dus in mijn eigen taal wenste uit te drukken. De man is druk aan het schrijven gegaan in een beduimeld boekje, waarna de zaak definitief afgesloten bleek te zijn. De gendarmerie (zo noemde men dat destijds) is die nacht niet komen opduiken. Een erg rustige nacht heb ik echter evenmin gehad.
Groeten
Josse